Inleiding
Jaarlijks houden we in de kadernota de financiële kaders tegen het licht. Dit zijn kaders voor het omgaan met de baten en lasten van onze portemonnee. Deze financiële kaders zijn leidend voor de gehele budgetcyclus. Ze zijn de basis voor het opstellen van de Begroting 2027 en de Meerjarenraming 2028-2030.
Een eventueel voorstel om van een kader af te wijken of toe te voegen wordt een expliciet beslispunt van het raadsvoorstel in de begroting, kadernota of bestuursrapportage. In deze kadernota stellen wij voor om één kader te wijzigen, namelijk de tarieven toeristenbelasting. In de Kadernota 2027 wordt dit een afzonderlijk beslispunt. Wij lichten dit hieronder bij onderdeel 15 toe.
Toelichting kaders
In bijlage 1 staat een overzicht van de huidige financiële kaders. In dit hoofdstuk lichten wij enkele kaders ter verheldering toe. Wij gebruiken daarbij dezelfde nummering van de kaders als in de bijlage.
Wij stellen voor om:
- in te stemmen met de financiële kaders;
5. Gemeentefonds
Voor 2026 en daarna is het nog afwachten wat er met het Gemeentefonds gaat gebeuren. Op het moment van samenstellen van deze kadernota is de mei-circulaire nog niet klaar. In de mei-circulaire 2026 worden de financiële effecten van het regeringsbeleid voor het Gemeentefonds bekendgemaakt. Halverwege juni informeren we uw raad over de uitkomsten van de mei-circulaire. U kunt dan de uitkomsten betrekken bij de besluitvorming over de financiële stukken in de raad van 25 juni 2026.
Door de hoge inflatie in de afgelopen jaren is het voor onze gemeente een grote uitdaging om een sluitende begroting 2027 aan te bieden. We stellen niet voor om de financiële kaders bij te stellen op het gebied van indexatie. Maar wel om de verwachte voordelen door prijscompensatie van de mei-circulaire 2026 en de septembercirculaire 2026 te reserveren in de stelpost indexatie.
In het algemene deel (hoofdstuk Financiële ontwikkelingen) staan we stil bij de voorjaarsnota 2026 van het Rijk en de mogelijke financiële consequenties voor mei- en septembercirculaire 2026.
8. Prijsstijging
In bijlage 1 blijkt bij dit onderdeel: aanpassen budgetten 0%. Dit betekent dat budgetten in principe niet worden geïndexeerd. Een beperkt aantal budgetten wordt wel geïndexeerd, namelijk bedrijfsvoering (2%) en gemeenschappelijke regelingen en stichtingen (werkelijke indexatie). Concreet betekent dit dat ongeveer de helft van de lasten van de begroting niet wordt geïndexeerd.
Zie verder de toelichting bij het hoofdstuk Financiële ontwikkelingen (kopje Prijsstijging).
9. Bedrijfsvoering
Afspraak raad
Wij hebben met uw raad een zogenaamde volumeafspraak. Deze afspraak houdt in dat we de budgetten voor personele kosten jaarlijks met 3% indexeren. Deze indexering zetten wij in voor:
- Cao-ontwikkelingen en premies en sociale lasten (2%);
- Organisatieontwikkelingen (1%).
Deze afspraak geldt niet voor nieuwe taken .
Voorstel wijziging afspraak bij Begroting 2027
De veranderende samenleving vraagt ontwikkeling van de ambtelijke organisatie. De organisatie vraagt doorontwikkeling naar opgavegericht en integraal werken. Als gevolg van meer taken is de laatste jaren de organisatie gegroeid van 230 naar 280 medewerkers.
We hebben voor de nieuwe bestuursperiode de volgende speerpunten:
- de dienstverlening optimaliseren;
- integraal werken bevorderen;
- zelforganisatie bevorderen;
- behoud en verbeteren werkgeluk.
Als gevolg van bovenstaande ontwikkelingen en speerpunten is het huidige kader (3%) waarvan 1% voor organisatieontwikkelingen niet toereikend. We stellen voor om bij de Begroting 2027 het kader voor deze bestuursperiode 2026-2030 aan te passen. Deze aanpassing nemen we dan als afzonderlijk beslispunt in de begroting op. We stellen dan voor om als volgt de kosten voor bedrijfsvoering te indexeren:
- Cao-ontwikkelingen en premies en sociale lasten (2%);
- Organisatieontwikkelingen (2%).
Het financieel effect van de structurele verhoging van deze budgetten is € 250.000 per jaar voor de jaren 2027 tot en met 2030. Voorgesteld wordt om dit dan te dekken ten laste van de budgetten Indexering. We stellen vervolgens voor om na 2 jaar de herijkte afspraak te evalueren en de effecten te monitoren. Het is onze intentie om u jaarlijks bij te praten over de organisatie ontwikkelingen. Daarnaast gaan we in de paragraaf Bedrijfsvoering van de begroting en rekening u informeren over de organisatieontwikkelingen.
CAO 2027
De huidige CAO voor gemeente loopt tot 31 maart 2027. In deze kadernota gaan we uit van het bovengenoemde kader en dat de personeelskosten met 2% zullen toenemen. Het is de verwachting dat de inflatie en een nieuwe CAO meer dan 2% zal zijn. Mogelijk dat we door het rijk hiervoor worden gecompenseerd. En anders zullen we een beroep moeten doen op de stelpost Indexaties.
10. Gemeenschappelijke regelingen
Bij het opstellen van de Kadernota 2027 hebben we de begrotingen 2027 en meerjarenramingen 2028-2030 van de 7 gemeenschappelijke regelingen (GR’en) gecontroleerd. We hebben geïnventariseerd in hoeverre de gevraagde bijdrage voor de komende jaren in onze begroting is opgenomen. De verschillen tussen onze raming en de ramingen in de begroting van de GR brengen we ten laste van het begrotingssaldo. In onderstaande tabel is een positief verschil een voordeel en een negatief verschil een nadeel. We nemen de extra kosten mee in de stelpost indexatie.
2027 | 2028 | 2029 | 2030 | |
Totale mutatie: | -1.679 | -123.1702 | -143.727 | -291.010 |
Uit de bovengenoemde mutaties blijkt dat de verhogingen oplopend zijn. De oplopende verhogingen komen per saldo door hogere bijdragen aan de VRD en GGD.
11. Grondexploitatie
De tekst met betrekking tot de tussentijdse winstneming is aangepast en is nu conform de nota grondbeleid 2026-2030 en de paragraaf grondbeleid. Inhoudelijk heeft dit geen gevolgen.
15. Belastingen: Onroerende zaakbelasting
Het coalitieakkoord 2026-2030 en het bestuursprogramma 2026-2030 zijn bij het samenstellen van deze kadernota nog niet gereed en zijn leidend in de voorstellen voor de begroting 2027. In overeenstemming met de financiële kaders is in de meerjarenbegroting een jaarlijkse stijging van 2,75% verwerkt. In deze kadernota doen wij geen voorstel voor extra OZB-opbrengst stijgingen.
15. Belastingen: Toeristenbelasting
Op basis van het bestuursprogramma 2022-2026 zijn de tarieven Toeristenbelasting voor 2023, 2024, 2025 en 2026 als volgt vastgesteld:
- Groepsaccommodaties € 0,60 per overnachting;
- Campings € 1,30 per overnachting;
- Hotels/BenB/bungalowparken € 1,75 per overnachting.
In deze kadernota doen wij een voorstel om de toeristenbelasting 2027 te wijzigen. Dit advies is mede gebaseerd op het advies van het Recreatieschap Drenthe 2027-2029. We realiseren ons dat het nieuwe bestuur, op basis van het coalitieakkoord 2026-2030, mogelijk andere tarieven wil. Dan is het mogelijk om bij het vaststellen van de Kadernota 2027 dit, middels een amendement, te realiseren. De recreatieve ondernemers in onze gemeente willen graag zo vroeg mogelijk duidelijk over het tarief voor het jaar 2027 en daarom doen we, op hun verzoek, in de Kadernota 2027 een voorstel over de tarieven 2027:
Voorstel 2027 | |
|---|---|
groepsaccommodaties | € 1,00 |
campings | € 1,50 |
hotel/BenB/bungalowpark (per persoon per overnachting) | € 2,00 |
